Startpagina Nederlands Anafylaxis Netwerk patientenorganisatie voor VOEDSELALLERGIE, en andere allergieën, zoals- wespenallergie - latexallergie, medicijnen en mastocytose

Oranjelaan 91 3311 DJ Dordrecht NL
tel. 0031 (0)78 639 03 56  fax. 0031 (0)78 639 02 43 E-mail:
info@anafylaxis.nl


                                                                                                                                                                                                                       page updated: 03.10.2007

 




Download
download hier de Folder over Anafylaxie
de FOLDER
ANAFYLAXIS

(pdf bestand 282Kb)
 


Associated with



 


GA NAAR:
Wetgeving ook voor "alternatieve behandelaars"     

WETTELIJKE KADER REGULIERE EN ALTERNATIEVE
 BEHANDELAARS

Soms kan met deze methoden bepaalde klachten niet oorzakelijk verklaard worden op basis van de bekende oorzaken, dan kan de term: “idiopathisch” gebruikt worden voor de diagnose stelling. Er de afgelopen jaren een trend waarbij de patiënt toch graag een verklaring wil horen voor de klachten die er zijn. De uitslag van de conventionele behandeling wordt niet geaccepteerd en er wordt gezocht naar andere verklaringen. “Complementaire” of “alternatieve” behandelaars spelen hierop in door een aantal andere testen aan te bieden, die gebruikt worden voor het vaststellen van “voedselallergie/-intolerantie”.

”Complementaire” en “alternatieve” Allergietesten.
De ontwarring van een serie controversiële testen die beweren beter te zijn dan de conventionele onderzoeksmethoden.

Conventionele allergie diagnose en behandeling is gebaseerd op de klassieke allergie testen, waarbij gevalideerde diagnostische - en bewezen behandelingmethoden gebruikt worden.
In tegenstelling hiermee, worden hieronder een aantal onbewezen testen besproken die gebruikt worden voor het onderzoeken van allergische patiënten, zoals Cytotoxische voedseltesten, ALCAT test, bioresonantie, electrodermale testen (electro-acupunctuur), reflexologie, toegepaste kinesiologie, NAET e.a.

Er is weinig of geen wetenschappelijke beweegreden voor deze methoden. Als er al onderzoeken gedaan zijn om aan te tonen dat een bepaalde therapie werkt, blijken deze niet gedocumenteerd te zijn en bij herhaling van het onderzoek blijken de resultaten niet te met klinisch bewijs voor allergie.

Enkele publicaties suggereren dat er een mogelijk pathogene (ziektemakend) rol is voor IgG of IgG4 anti-lichamen. Er is echter geen verband gevonden tussen de uitkomst van DBPCFCs (Dubbel Blinde Placebo Gecontroleerde Voedsel Provocatietesten) en de hoeveelheden van zowel voedsel-specifieke IgG of IgG4, noch werd er verschil geconstateerd tussen patiënten en de controlegroep.

De hoeveelheden van deze en andere voedsel-specifieke immunoglobulinen van het niet-IgE isotype is een beeld van inname van het voedsel bij die persoon en kan (zal meestal) dus een normaal en onschadelijk onderzoeksresultaat zijn. Het zogenaamde “Voedselallergie Profiel” met simultaan IgE en IgG bepaling van meer dan 100 voedingsmiddelen is noch economisch noch bruikbaar als diagnose. M.a.w. het kost veel en levert weinig op. De winst gaat voornamelijk naar de bedrijven die deze testen aanbieden.
DBPCFC zou hier de referentiestandaard voor schadelijke effecten door voedsel moeten zijn en elke nieuwe test zou op deze manier gevalideerd moeten worden.
Het gebruik van deze onbewezen testen zou kunnen leiden tot misleidend advies en/of behandeling en zou zelfs tot gezondheidsschade kunnen leiden.

Soms lijkt het dat deze methoden lijken te werken. Vooral omdat “genezing” gerealiseerd wordt bij personen die vooraf niet goed gediagnosticeerd waren en omdat allergie ook vanzelf in de tijd verdwijnt. Het gebruik hiervan wordt door ons afgeraden, zeker voor patiënten met kans op anafylaxis gevallen waarbij blootstelling aan het uitlokkende allergeen wordt voorgesteld zonder de ondersteuning van de juiste medische interventie door medisch opgeleide personen.

Opname in Zorgverzekering als validiteit voor effectiviteit?

Een andere kant is de vercommercialisering van ons ziektekostenvergoedingssysteem. Zorgverzekeraars in de strijd naar meer klanten bieden allerlei ziektekostenpakketten aan. De samenstelling van het pakket is niet gebaseerd op de effectiviteit van een behandeling, maar de bereidwilligheid van de klant om voor een pakket te kiezen dat bij zijn overtuiging of levenswijze hoort. De opname van alternatieve therapieën en de vergoeding daarvan sterkt de klant in de overtuiging dat die therapie wel effectief moet zijn omdat deze anders niet in het pakket opgenomen zou worden. Niets is minder waar, het is alleen een commercieel aspect van vraag en aanbod.

Pas op voor anekdotische en ongefundeerde allergietesten!

Er is een veelheid aan zogenaamde testen voor “Intoleranties” incl. urine, ontlasting en spuug zowel als Bioresonatie (vibrationele therapie) en Iriscopie. Deze testen worden vaak gepromoot als “wonder” diagnoses en worden onderbouwd met anekdotische verhalen van levenslange allergieën waarvan de diagnose uiteindelijk vastgesteld is. Het zou voor iedere medische behandelaar naïef zijn deze individuele anekdotische rapporten over effectieve diagnose zonder enige wetenschappelijke gevalideerde onderzoeken als bewijs over hun waarde, te accepteren.
We lezen vaak over gelijkaardige testen en verwachtingvolle patiënten stromen toe met hun hard verdiende centjes. Conventionele medische behandelaars kunnen beschuldigd worden van vooringenomenheid tegen deze “simpele en goedkope” testen en kunnen zich onder druk gezet voelen om de testen uit te proberen.

Aan de andere kant, een overtuigde alternatieve therapeut met een indrukwekkende allergie diagnose “staat van dienst” kan zelf de meest sceptische patiënt overtuigen om te geloven in hun pseudowetenschappelijke uitleg en anekdotische rapporten van allergie genezingen. Wanneer patiënten zich realiseren dat zij foutief gediagnosticeerd zijn kunnen ze zich beschaamd voelen, daarmee de zaak naast zich neer leggen als een slechte ervaring en bijna nooit klagen over de behandeling of daarmee gepaard gaande kosten.

Er zijn veel onconventionele allergietesten beschikbaar die alle beweren een aantal ziekten te kunnen diagnosticeren. Testen variëren van electrodermaal onderzoek tot metaalsporen schattingen in haaranalyse. Deze ongevalideerde testen worden gepromoot door complementaire en alternatieve medicijnen (CAM) behandelaars. Oppervlakkig gezien klinken veel van deze testen erg aannemelijk, maar ze zijn gebaseerd op onbewezen theorieën en worden uitgelegd met simplistische fysiologie. De meeste van deze testen diagnostiseren niet bestaande aandoeningen, zijn weggegooid geld en leiden af van de eigenlijke allergieën en hiermee wordt de conventionele behandeling vertraagd dat echte allergie verlichting kan bieden.
CAM behandelaars baseren hun testen op controversiële theorieën over wat allergieën zouden veroorzaken; voorbeelden hiervan zijn:

à        Chemische dampen van schoonmaak middelen, oliën, verven en parfums.

à        Elektromagnetische straling van elektriciteitskabels en elektronische apparaten.

à        Voedsel met sporen van kleurstoffen, antibiotica, pesticiden en conserveringsmiddelen.

à         Micro-organismes zoals Candida albicans en exotische parasieten.

à         Medicatie op recept en uit losse verkoop

à         Multiple voedingsmiddelen zoals tarwe, gist, suiker en koffie.

à        Endogene hormonen en in het bijzonder progesteron
 

Tekstvak: Scombroïde intoxicatie (histaminetoxiciteit ) is een syndroom dat kan optreden na de consumptie van bacterieel gecontamineerde vis zoals tonijn, bonieten of makreel. Er kunnen op anafylaxie gelijkende symptomen optreden zoals flushes, erytheem, urticaria en palpitaties.
De ziekte is meestal mild ‘zelfbeperkend”. 
Het syndroom is niet gebaseerd op een daadwerkelijke allergie en heeft daardoor geen betekenis voor eventuele toekomstige consumptie van tonijn. 
(Tijdschr Infect 2006;1:32-5)

 

Wie test hun testen?

CAM behandelaars citeren anekdotische gevallen en klinische onderzoeken in populaire medische tijdschriften.
Individuen kunnen best niet-specifieke irriterende reacties ontwikkelen en bijwerkingen krijgen op medicijnen of in voedsel (zoals “overgevoeligheid” voor histamine (zie hiernaast)) maar dit is van niet allergische aard. Milieu of meervoudige chemische gevoeligheden, systemische candidiasis, ADHD en chronische vermoeidheid worden gewoonlijk gediagnosticeerd als gevolg van “allergieën” voor verschillende chemicaliën in het milieu en natuurlijk voorkomende schimmels en parasieten.
Hoewel Candida vaginitis spruw in de mond kan veroorzaken, is er geen overtuigend bewijs dat systemische infecties gerelateerd zijn met allergie.

Wanneer veel van deze vage aandoeningen zijn gediagnosticeerd, wordt de patiënt op een verscheidenheid van eliminatiediëten, rotatiediëten en een hoeveelheid van onnodige vitamines en sporenelementen toevoeging gezet.
Herbal remedie middelen zoals ephedria (geband in Amerika), druivenolie, brandnetel, vitamine C en lijnzaadolie worden voorgeschreven, en symptoomver-betering wordt toegeschreven aan opengebroken “zouten” met steroïden in deze zogenaamde natuurlijke geneesmiddelen.
De illegale toevoeging van corticosteroïden aan deze “natuurlijke en traditionele” geneesmiddelen geeft een therapeutisch effect maar kan resulteren in gevaarlijke bijwerkingen wanneer deze gebruikt worden voor langere tijd.

Hieronder een overzicht van de meest voorkomende “allergietesten” gebruikt door “complementaire” en “alternatieve” behandelaars:

Leukocytotoxische Test (Bryan’s Test)

Bryan’s Leukocytotoxische test was van oorsprong ontwikkeld in 1956 door Black, en verder ontwikkeld door Bryan in 1960. De basis van deze test is dat wanneer witte bloedlichaampjes van patiënten worden gemengd met het allergeen deze zwellen. De test meet dan de zwelling van de leukocyten en wanneer een bepaalde drempelwaarde wordt gemeten, gebruikmakend van een Coulter telling – dan wordt een positief resultaat genoteerd. Onderzoeken tot op heden lieten slechts een zwakke correlatie zien tussen deze test en klinische allergie. De marketeers, die vertrouwen op anekdotisch bewijs voor de effectiviteit, vertellen deze teleurstellende klinische onderzoeken niet. Er wordt op een groot aantal allergenen getest en patiënten zijn gewoonlijk positief op een aantal van deze voedingsmiddelen, toevoegingen en andere stoffen. Katelaris uit Australië en Steinman in Zuid Afrika, evenals Lieberman’s onderzoek in de USA bevestigen dat bij vooronderzoek naar de ALCAT test geen diagnostische accuratesse te vinden was. Op dit moment wordt de test ook aan de man gebracht als “Nutron”. Ondanks claims van het tegengestelde, is er geen groot onderzoek dat laat zien dat de test accuraat is ondanks dat het al meer dan 50 jaar beschikbaar is.

De oorspronkelijke voorstanders van de ALCAT test (waaronder de Leukocyto-toxische test en Nutron test) konden slecht een paar niet peer-reviewed congressa-menvattingen aanhalen als bewijs dat het werkzaam is. Terwijl tegenstanders zoals Bindslev-Jensen, Potter en Katelaris, aanzienlijke gegevens kunnen overleggen dat deze testen een slechte accuratesse ten toon spreiden bij de diagnose.

IgG ELISA Allergie Test

Een andere allergie test waarvan de diagnostische accuratesse discutabel is, is de IgG ELISA test. Deze test meet IgG anti-lichamen tegen verschillende voedingsmiddelen. Dit moet niet verward worden met het meten van IgE anti-lichamen zoals gedaan wordt in conventionele methoden zoals RAST en UniCAP.
De meeste mensen ontwikkelen IgG anti-lichamen voor het voedsel dat ze eten en dit is een normaal niet-specifieke respons die blootstelling aangeeft en niet sensibilisatie.
Er is geen overtuigend bewijs dat suggereert dat deze test enige allergie diagnostische waarde heeft. In feite, de IgG respons kan zelfs een beschermend effect hebben en voorkomt de ontwikkeling van IgE gemedieerde voedselallergie.
IgG4 anti-lichamen die gemaakt worden na blootstelling aan hoge concentraties kattenallergeen in de kindertijd verleent bescherming tegen kattenallergie en niet sensibilisatie.

Toegepaste Kinesiologie (Spierspanning Testen)

Toegepaste kinesiologie is ontwikkeld in Amerika door Goodhart in 1964 en is gebaseerd op energievelden in het lichaam om allergie en intolerantie te diagnosticeren. Kinesiologie is populair onder chiropracticie in Engeland. In deze test, test de behandelaar de spierspanning van de patiënt wanneer het allergeen in een buisje voor hem is geplaatst. De schouderspanning (Deltoid spier) wordt gewoonlijk getest op zwakte.
De patiënt steekt de arm uit en de behandelaar oefent een tegendruk uit – als de patiënt niet in staat is om de tegendruk te weerstaan, wordt er van uitgegaan dat de test positief is voor dat allergeen. Het tegenmiddel tegen de allergie wordt dan voor de patiënt gehouden en wanneer hun zwakte wordt omgekeerd – is dit een indicatie dat dit het juiste tegenmiddel is. Er zijn een aantal variaties op de techniek voor het testen van de spierspanning en veel behandelaars houden een magneet voor de patiënt om de test te complementeren. Er is geen overtuigend bewijs dat deze test enig nut heeft bij de diagnose van allergieën.

VEGA Testen (Electrodermale Testen)

Deze test is in 1958 ontwikkeld door de Duitse arts Dr. Reinhold Voll. De VEGA Test (of Electrodermale Test) is het meten van elektromagnetische geleiding in het lichaam met gebruik van een Wheatstone brug-galvanometer. De patiënt krijgt één elektrode geplaatst op een acupunctuurpunt en de andere elektrode wordt vastgehouden terwijl een batterij buisjes met allergenen en chemicaliën geplaatst wordt in een metalen houder. Een terugval in de elektromagnetische geleiding of een “ongeordende gemeten aflezing” is een indicatie voor een allergie of intolerantie voor dat allergeen. Nieuwere transistor / gecomputeriseerde versies van de originele VEGA of Voll test worden genoemd Dermatron, BEST, Quantum en LISTEN Systemen die een zelfde werking hebben en snellere resultaten geven. Sommige stellen dat er 3500 allergenen getest kunnen worden in 3 minuten.
Katelaris et al voerden onafhankelijk dubbel blinde testen uit en vergeleken VEGA testen met conventionele testen bij persoenen met een bekende allergie. De VEGA testen hadden totaal geen reproduceerbaarheid of diagnostische accuraatheid.

Haar Analyse Testen bij Allergie

Haar wordt geanalyseerd op twee manieren. Allereerst wordt het haar getest op toxische aanwezigheid van zware metalen zoals lood, kwik en cadmium en daarna de tekortkomingen van selenium, zink, chroom, mangaan en magnesium. Er is geen wetenschappelijk bewijs voor ondersteuning van de hypothese dat deze zware metalen enige bijdrage hebben aan allergische aandoeningen. Haarmonsters worden gewoonlijk weggezonden voor analyse en ontelbare onderzoeken hebben gefaald om enige accuratesse aan te tonen bij haar analyse voor de diagnose van allergieën.
Een andere haar test wordt Dowsing genoemd. De roedeloper zwaait een pendule boven het haar en een allergie wordt vastgesteld wanneer een veranderde zwaai wordt opgemerkt.

Auricular-cardiac reflex

Verdachte allergenen worden geplaatst op filterpapier op de huid van de onderarm. Door de oorlel of de rug van de hand wordt doorschenen met een fel licht. Op hetzelfde moment wordt de polsslag opgenomen. Als het filterpapier een allergeen bevat waarvoor de patiënt allergisch voor is zal de polsslag met 12 of meer slagen per minuut stijgen. Tot op heden is er geen wetenschappelijk bewijs beschikbaar om deze test te valideren.

Provocatie – Neutralisatie Testen

Het allergeen wordt sublinguaal toegediend, of door huidinjectie. Testdoses worden in oplopende doses gegeven totdat er een kwaddel (bult) ontstaat op de huid (Provocatie dosis), de dosis wordt dan verminderd totdat de kwaddel verdwijnt. Dit is de Neutralisatie dosis, die gebruikt wordt om de allergie te behandelen en “desensibiliseert” de patiënt. Deze test is ook niet gevalideerd door onderzoek en heeft geen diagnostische betrouwbaarheid bij allergie of behandeling.

Nampudripad's Allergy Elimination Technique (NAET)

NAET moet wel de meest ondeugdelijke allergiebehandeling zijn die tot op heden wordt voorgesteld. Het bestaat uit een combinatie van diagnose en behandeling van allergie zoals kinesiologie, VEGA testen en acupunctuur. Het is geïntroduceerd in 1983 door een Amerikaanse chiropraktiker Devi Nampudripad, voortaan Nampudripad’s Allergy Elimination Technique of NAET.
De vooropstelling is dat allergie (in tegenstelling tot onze huidige begrip), is het gevolg van interne energie blokkade getriggerd door een abnormaal energieveld in de hersenen. Nampudripad stelde voor dat na een twintigtal of zo behandelingen ze de hersenen en de lichaamsenergie kan herprogrammeren en op deze manier wist ze alle allergieën en veel andere aandoeningen waar de mens aan lijdt. Echter van energiestromen en elektrische velden in het lichaam is nooit bewezen dat zij oorzaak zijn van allergieën.

Levens Bloed Analyse

Met de hulp van een eenvoudige microscoop en een korte cursus in microscopie oefenen veel CAM therapeuten een beroep uit waar ze een diagnose kunnen maken van allerlei soorten chronische aandoeningen inclusief allergieën. De vinger wordt geprikt en een druppel vers bloed wordt onderzocht onder het licht van de microscoop naar bloedcel afbrokkeling, zeldzame parasieten of vlokvormige afwijkingen. Het is onmogelijk om parasitaemia, bacteraemia of abnormale vlokvorming vast te stellen zonder gespecialiseerde hulpstoffen en testmethoden.

Bioresonatie Therapie

Bioresonatie diagnose en behandeling is gebaseerd op het geloof dat mensen elektromagnetische golven afgeven die of “goed” of “slecht” kan zijn.
Bioresonantie therapie gebruikt een apparaat waarvan gedacht wordt dat het de golven kan filteren en stuurt de “herstelde” golven terug naar de patiënt. Ziekmakende golven worden op deze manier door het proces verwijderd en de allergische aandoening zou op deze manier verholpen zijn. Helaas, is het aangetoond dat het gebruikte apparaat niet in staat is om de elektromagnetische golf waar het om gaat te meten. Twee dubbel blind gecontroleerde onderzoeken faalden enige diagnostische en therapeutische waarde van bioresonantie aan te tonen bij patiënten die lijden aan hooikoorts en bij een kind met atopische dermatitis.

Acupunctuur

De principes van de traditionele Chinese geneeskunst beogen het bloed te verversen, vochtigheid te elimineren, het hart te reinigen, blokkade van bloed te vermijden en tenslotte het hele organisme te ontgiften.
In de praktijk van acupunctuur zijn zeven punten vastgesteld die het immuunrespons mogelijk maakt (defensieve energie of Wei-Qi) Ondanks het gebruik van acupunctuur bij de behandeling van verschillende allergische aandoeningen, inclusief bronchiale astma en pollinosis, zijn gepubliceerde onderzoeken die deze therapie ondersteunen breeduit bekritiseerd op hun experimentele ontwerp. Verschillen in de klinische proeven en technieken maken de inschatting van de complete resultaten moeilijk. Bij allergische rhinitis, is een succespercentage tot wel 84% geclaimd door een paar gepubliceerde rapporten. Er zijn nooit rapporten gepubliceerd over acupunctuur en voedselallergie/intolerantie.

Homeopathie voor de behandeling van voedselallergie

De term homeopathie is afgeleid van het Griekse homoios (gelijksoortig) en pathos (lijden of ziekte). De basisprincipes van de homeopathie werden in de periode 1782-1798 geformuleerd door Samuel Hahnemann. De homeopathie maakt soms gebruik van dezelfde grondstoffen als de natuurgeneesmiddelen en de fytotherapie. Het verschil is dat daar gebruik wordt gemaakt van de directe werking van de grondstof, die sterker wordt naarmate de dosis hoger is. Bij homeopathische middelen is de initiële werkzame stof zelf (de oertinctuur) vrijwel niet meer aanwezig als gevolg van herhaalde verdunning en potentiering (schudden).

Homeopathische middelen worden bereid op basis van een extract van minerale, plantaardige of dierlijke oorspong, dat bij toediening in pure vorm symptomen zou geven die lijken op die van de te bestrijden ziekte. Op basis van deze gelijkheid aan symptomen (gelijksoortigheidsbeginsel) wordt het middel geacht een effectieve geneeswijze te zijn. De grondstof wordt daarna in een aantal stappen verdund en geschud (potentiëren). Het eindproduct wordt geacht zonder bijwerkingen de ziektesymptomen te doen verdwijnen. De Materia Medica Pura, waar Hahnemann in 1811 een begin mee maakte en die sindsdien werd uitgebreid, vormt de basis van de homeopathie. Zowel verdunde als onverdunde middelen worden hierin opgenomen.

Tekstvak: Bepaalde vitamines zijn schadelijk in hoge doseringen: Tegenstanders van de Orthomoleculaire therapie wijzen er ook op dat bepaalde vitamines in hoge doses schadelijk kunnen zijn, vooral tijdens een zwangerschap. Dit geldt vooral voor vitamine A en vitamine D, die in hoge doseringen inderdaad schadelijk kunnen zijn, o.a. voor de ongeboren vrucht. De Nederlandse Warenwet stelt daarom strikte maxima voor het toevoegen van vitamine A en vitamine D in voedings-supplementen, waardoor in Nederland er weinig kans is op onbedoelde overdose-ring. Alleen wanneer doelbewust (veel) meer dan de aanbevolen dosering wordt genomen en/of wanneer langdurig meerdere vitamine A-houdende voe-dingsupplementen naast elkaar worden gebruikt, of wanneer retinolzuur-houdende crèmes worden gebruikt, zou er kans op overdosering zijn. Er zijn ondertussen ook sterke aanwijzingen dat te veel anti-oxidanten (vitamine C, E) het leven verkorten. Stoffen die in de natuur aanwezig zijn, zelfs als het essentiële voedingsmiddelen zijn, zijn niet automa-tisch veilig indien je er veel van inneemt.
Homeopathie heeft geen enkele basis in de wetenschap. Een veelvoud aan medisch onderzoek heeft niet kunnen aantonen dat homeopathie enig effect sorteert; de conclusie van vele publicaties is dat indien er enig effect wordt bespeurd, dit door het placebo-effect wordt veroorzaakt. De theorie dat medicijnen een sterkere werking krijgen door verdunning is in strijd met de beginselen van de moderne geneeskunde. Voorts zijn de verdunningen vaak zo groot, dat er geen molecuul van de beginstof in de oplossing kan zitten. Er zijn veel voorbeelden van wetenschappelijke artikelen over homeopathie in bekende wetenschappelijke tijdschriften die naderhand weer ingetrokken worden wegens fouten in de gebruikte methode.

Orthomoleculaire therapie

De orthomoleculaire geneeskunde is in de jaren zestig ontwikkeld door de Amerikaan L. Pauling. In de orthomoleculaire geneeskunde draait veel om vitamines: de therapie wordt ook wel ‘megavitaminetherapie’ genoemd (mega = groot). Het is een therapie, waarbij met behulp van lichaamseigen stoffen en voeding getracht wordt het lichaam te ondersteunen met het doel het eigen lichaamseigen natuurlijke genezingsproces te stimuleren. Daarbij streeft men naar zogenoemde "optimale" concentraties voedingsstoffen in het lichaam, die men probeert te bereiken met doseringen die soms ver boven de aanbevolen dagelijkse hoeveelheden uitkomen. De orthomoleculaire geneeskunde stelt dat er een vitaminetekort in het lichaam kan ontstaan, ondanks een gezonde voeding die voldoende vitamines bevat. Dit zou komen omdat de vitamines moeilijk uit het voedsel kunnen worden opgenomen. De vitamines in hoge dosering vullen deze tekorten aan. Hierdoor verandert de stofwisseling, waardoor de overgevoeligheidsreacties op voedingsmiddelen kunnen worden beïnvloed.

Orthomoleculaire behandelaars baseren hun therapie in sterke mate op de resultaten van medisch wetenschappelijk onderzoek, maar interpreteren deze uitkomsten vaak op een controversiële manier. Orthomoleculaire therapie is daarom geen medische discipline, maar wordt algemeen beschouwd als een alternatieve geneeswijze.

Orthomoleculaire therapie ziet de mens als een geheel (holistisch beeld) en het ziektebeeld als een niet-evenwicht binnen dat geheel en tracht zoveel mogelijk factoren te betrekken in het herstelproces, teneinde te evolueren naar een toestand van homeostase (in evenwicht zijn).

Kruidengeneeskunde

Fytotherapie, behandeling met planten, in de volksmond kruidengeneeskunde genoemd, is het behandelen van gezondheidsklachten en ziekten met plantaardige middelen waarvan men een medicinaal effect veronderstelt. Het is daarmee niet noodzakelijkerwijs een alternatieve geneeswijze, maar kan als voorloper van de moderne farmacologie gezien worden.

In de fytotherapie gebruikte plantaardige middelen heten fytotherapeutica. Een algemeen aanvaarde definitie van fytotherapeutica luidt: "Geneesmiddelen die als actieve ingrediënten uitsluitend planten, delen van planten of plantenmaterialen of combinaties daarvan bevatten, in ruwe of bewerkte staat." Tot voor kort waren heel wat kruidenmiddelen nog onvoldoende in kaart gebracht; de laatste decennia worden deze systematisch geëvalueerd op hun positieve of negatieve medische effecten en veiligheid. Wanneer kruidenmiddelen de toets van de dubbelblind-methode uit het evidence based medicine doorstaan en bovendien voldoen aan de gestelde veiligheidsnormen, dan worden deze als elk ander geneesmiddel opgenomen in de standaardgeneeskunde.

De kruidengeneeskunde of fytotherapie is heel oud. Bekend zijn de kruidentuinen van de kloosters in de Middeleeuwen. Veel van deze kennis is bewaard gebleven en dient als basis voor de huidige fytotherapie. De eenvoudigste vorm van gebruik is kruidenthee, die wordt getrokken van gedroogde plantendelen (bladeren, stengels, wortels, schors en zaden). Daarnaast zijn er ook tabletten, siropen, elixers en zalven in de handel.

Natuurgeneeswijze

Natuurgeneeswijze is de geneeswijze die zich richt op de gehele mens en niet voornamelijk op de zieke delen. Het zelfgenezende vermogen van de mens staat centraal evenals de wisselwerking tussen de mens en zijn omgeving.

In de visie van de natuurgeneeswijze zijn ziektesymptomen nuttige reacties die duiden op zelfbeschermende en zelfgenezende processen. De behandeling heeft als doel deze processen te stimuleren (te prikkelen), ondersteunen en in goede banen te leiden. Omdat deze natuurlijke processen zo belangrijk worden gevonden, gebruiken de natuurgeneeswijzen uitsluitend natuurlijke middelen en therapieën.

Gangbare hulpmiddelen zijn geneeskrachtige kruiden, biologische en homeopathische geneesmiddelen en acupunctuur, aangevuld met fysiotherapie, en vormen van lichamelijke oefeningen zoals chi kung, ademhalingstechnieken, werken aan een natuurlijke levensstijl almede het eten van natuurlijke voeding. Ook hier geldt dat er geen wetenschappelijke onderbouwing is voor de effectiviteit van deze therapie.

Antroposofische geneeskunde voor voedselallergie

De antroposofische geneeskunde ontstond in het begin van de twintigste eeuw. Artsen vroegen aan Rudolf Steiner hoe zij een ruimere kijk op de mens en op de werking van medicamenten konden krijgen. Een belangrijke schakel hierbij was de Nederlandse arts Ita Wegman. Zij richtte in 1921 vlakbij Bazel het eerste antroposofische ziekenhuis op. Steiner bezocht bijna dagelijks de nieuwe kliniek, gaf aanwijzingen voor therapieën en hield daarnaast een aantal cursussen voor artsen die geïnteresseerd waren in een nieuwe vorm van genezen. Samen met Ita Wegman schreef Steiner hier een boek over, getiteld Grondslagen voor een verruiming van de geneeskunde.

Méér dan alleen het lichaam
Kenmerkend voor de reguliere geneeskunde is dat deze vooral is gericht op de fysiek waarneembare fenomenen. Antroposofische geneeskunde is geen vervanging voor de reguliere geneeskunde, maar een verdieping en uitbreiding ervan en dus een aanvullend alternatief. Niet alleen doordat een uitgebreider arsenaal geneesmiddelen en therapieën kan worden geboden, maar vooral doordat méér dan alleen het lichaam in de behandeling kan worden betrokken. Steeds meer mensen raken er van overtuigd dat bij ziek-zijn ook allerlei niet-materiële processen een rol kunnen spelen. Allergie heeft in de ogen van de antroposofie een rol in de evolutie van het mens-zijn. Antroposofische geneeskunde beoefenaars zijn geregistreerde artsen, zoals al aangegeven is het een aanvulling op de reguliere geneeskunde en vanuit dat opzicht willen zij de behandeling van allergieën naast de reguliere behandeling versterken door het voorschrijven van allerlei therapieën. Wetenschappelijk gezien zijn hier geen publicaties over.

Paranormale therapie

Paranormale geneeswijze is een term die gebruikt wordt voor alternatieve geneeswijzen die gebruik zeggen te maken van paranormale gaven. Van paranormale geneeswijzen is al sprake sinds het ontstaan van de mensheid.

De paranormale behandelwijze neemt een aparte plaats in binnen de alternatieve behandelwijzen: genezing zou plaatsvinden door het overbrengen van een kracht of energie van de ene persoon op de andere.

Bij de paranormale geneeskunde gaat men ervan uit dat het leven nog een andere dimensie heeft. Een dimensie die, hoewel ze gewoonlijk niet wordt ervaren, toch grote mogelijkheden biedt, vooral bij het vaststellen en behandelen van ziekten.

Paranormale geneeskunde is een vorm van alternatieve geneeswijzen die wordt uitgeoefend door mensen die zeggen te beschikken over paranormale gaven. Onder paranormale (=naast het normale) gaven worden gaven begrepen als magnetisme, helderziendheid, helderhorendheid, heldervoelendheid.
Ook hier is er geen wetenschappelijke onderbouwing voorhanden.

Conclusie

Voedselallergie wordt het beste behandeld door de uitlokkende substantie te vermijden.

Het is belangrijk dat patiënten en hun families op de juiste manier worden voorgelicht over de juiste vermijdingstrategie.Ook moet duidelijk gemaakt worden dat er bij deze vermijding er op gelet moet worden dat de patiënt wel de juiste voedingstoffen binnen krijgt.

 

Hieruit blijkt dat de behandeling van voedselallergie het werk is van een team, dat bestaat uit een arts, die op de juiste manier is opgeleid en getraind in allergologie, gastro-enterologie, en voedingsleer; een diëtist en een psycholoog.

De waarde van farmacologische behandeling is nog niet duidelijk gedocumenteerd. Op dit moment is er geen bewijs dat zowel klassieke subcutane en “alternatieve”immunotherapie veilig én effectief zijn voor de preventie en behandeling van voedselallergie en voedselintolerantie.

Bronnen:
* Position paper EAACI, Ortilani C. et al, Allergy 1999; 54, 27-45.
* Wikipedia.org/wiki/Therapie
* Kies Beter.nl / Nederlands Vereniging van Antroposofische Artsen
* Unproven techniques in allergy diagnosis. Wuthrich B. J Investig Allergol Clin Immunol 2005;15(2):2-90

 


 Klik hier om naar het FORUM van het Nederlands Anafylaxis Netwerk te gaan


Kijk ook eens op:
www.SchoolEnAllergie.nl
www.RestaurantEnAllergie.nl

 

 


Een automatische herinnering één maand voor de verloopdatum van Uw Adrenaline Auto-injector zoals de EpiPen® of Anapen®

Geef hier uw gegevens door >>

 


De Epinephrine Mate, dé houder voor de epinefrine-auto-injector, speciaal voor de  EpiPen®

Lees hier meer over >>
 


Het Actieplan, Het communicatie-hulpmiddel bij de beheersing van uw allergie.

Leverbaar in meerdere talen, handig voor op vakantie,
lees hier verder >>

 

Updated 2008-01-26 © Nederlands Anafylaxis Netwerk. All right reserved.  Disclaimer